Chow Chow
Rasgroep van de Chow chow
De Chow chow behoort tot de Rasgroep "Keesachtigen en Poolhonden"
Geschiedenis van de Chow chow
Tot op heden is het een raadsel van herkomst van de Chow-Chow niet wetenschappelijk opgelost.Een ding is echter zeker, dat hij geen geval van Tibetaanse Dog afstamt en ook niet in Tibet thuis hoort.Verschillende theorieen zijn naar voren gebracht nadat de eerste Chow-Chow in Europa opdook en door zijn bijzondere verschijning de aandacht trok.Wij willen ons tot de theorie beperken,die het meest waarschijnlijk lijkt.Het unieke kenmerk van de Chow-Chow is zijn donkerblauwe tong,die nauwelijks op een kruising lijkt te duiden.Veel eerder wijst dit er op,dat hijzelf tot een oerras behoort en wellicht de voorvader zou kunnen zijn van de Poolhondrassen zoals de Samojeed,de Eskimohonden,de Noorse Elkhond, de Keeshond en de Dwergkees.Al deze honderassen beantwoorden aan eenzelfde type.Ook wijst veel er op,dat zelfs de naam Chow-Chow niet juist is,daar hij niets met het ras te maken heeft.Chow-Chow betekent zoveel als'eet-baar of'allerlei rommel'.Het woord stamt uit Pidgin-Engels kapiteins van zeilschepen gebruiken het voor alle zeldzaamheden en curiositeiten die zij uit het Verre Oosten invoerden.Ook de eerste Chow-Chow werd daar vandaan meegebracht,en wel uit het district Kanton.Het is niet ondenkbaar, dat het ongeoefende oor van de Europeaan het Chinese woord Chao Chao met Chow-Chow verwarde.De klank is zo eender!Chao-Chao betekent zoiets als 'alles zien,dus waakzaam,zeer schrander,zeer handig zijn.Dat zou betekenen, dat het een bekwame jachthond betreft.Ongetwijfeld is de, Chow-Chow vroeger een jachthond geweest en zelfs een zeer begaafde.daar hij niet alleen met de neus jaagt, maar ook met behulp van de ogen,die bij de Chow-Chow sterker ontwikkeld lijken te zijn dan bij andere honderasssen (behalve bij Windhonden).Was de Chow-Chow dus oorspronkelijk een jachthond en werd hij ook als zodanig gefokt, het is weinig waarschijnlijk,dat het de Chinezen zijn geweest,die zich met dit fokken zouden hebben beziggehouden.De Chinezen waren voortreffelijke landbouwers maar muntten nooit uit als veefokkers.Dat waren daartegen wel de geheel met het dier samenlevende Normen.Ook de uiterlijke verschijning van de Chow-Chow,zijn arktisch voor komen,past weinig bij de het land verbouwende en handenabeid verrichtende Chinezen.Dat werpt de vraag op,of hij wellicht thuis hoorde bij de aan de Chnese grens levende Nomadische volksstamen,die met China een regelmatig handelsverkeer onderhielden.Hierbij gaan de gedachten in de eerste plaats uit naar de Mongoolse volksstammen die in de politieke geschiedenis van het Chinese Rijk tijdelijk de rol van de veroveraars hebben gespeeld.Alle in het noordelijk deel van Azie levende volksstammen houden honderassen van het arktische keeshondentype,Samojeden,Laiki,
Husky's enz.Maar de Chow-Chow onderscheid zich in essentiele kenmerken van al deze Keesachtige rassen diep donkerblauwe tong,steile achterhand en effen kleur van de vacht(uitzondering:het zuiver wit van de Samojeed).Deze kenmerken van de Chow-Chow komen in geheel Oost-Azie slechts eenmaal voor en zijn volkomen fokzuiver.Daar komt bij dat men elders ook met de uitgesproken karaktereigenschappen van de Chow-Chow vergelijkbare trekken aantreft.De volstrekte fokzuiverheid van de eerste Chow-Chow-inporten in Europa duidt erop,dat men hier te maken heeft met een meesterlijke beheersing van de fokkunst evenals met een geografische afgeslotenheid van het gebied waarin het ras ontstond.Onderwerpen wij geheel Noord-Azie aandiepgaand onderzoek betreffende de unieke raskenmerken van de Chow-Chow,dan blijft slechts een enkele streek over:Mantjoerije.Daarbij moet men vanzelfsprekend niet aan politiek grenzen denken,maar dient men het vanuit een etnologische gezichthoek te bezien,d w z met inbegrip van de Russische Amoerprovincie.Met de bodemgestelheid van dit grotendeels bergachtig landschap zou de steile achterhand van de Chow-Chow overeenstemmen,die hem in staat stelt,behendig balancerend over losse stenen en spleten te springen en zich in het gebergte te bewegen.Veder wort dit gebied gekenmerkt door uitgestrekte wouden,waarin voor een deel geweldig grote roofdieren leven,Siberische tijgers,beren, evenals wolven en lynxen.Een overvloed aan wild en aan vis in de stromen moet de jager naar deze nauwelijks bevolkte oorden hebben gelokt.In dit laandschap kan men zich de wantrouwende,waakzame,onverschrokken,
koene en moedige Chow-Chow levendig indenken.De jager,die deze gevaarlijke streken doorkruist,in voordurende strijd met de natuur,het klimaat,de roofdierenwereld,heeft daarbij behoefte aan een kracgtige,actieve hond,met karaktereigenschappen die alleen de Chow-Chow bezit.Hij heeft,om in zo'n omgeving het leven er van af te brengen,niet alleen een trouwe,wakkere metgezel nodig,doch ook een onverschrokken medestrijder,die niets ontziend en verbeten in staat is zelfs een beer aan te grijpen.Tevens moet hij een metgezel hebben die zonder moeite lasten kan dragen.Bezien wij de krachtige,brede borst van de Chow-Chow,dan komt het ons voor,dat hij deze rol met gemak kan vervullen.Steeds weer duiken in de literatuur verwijzingen op naar deze oorsprong van de Chow-Chow.Nauwkeurige bewijzen en gegevens zijn er thans nog niet, maar de natuur en het landschap getuigen,samen met aard van dit hondenras,eerder voor dan tegen deze theorie.
Karakter van de Chow chow
Een individualist onder de honderassen,dat is de Chow-Chow.Het is een typische eenmanshond,die zich reeds in zijn prilste jeugd zo nauw aan'zijn baas hecht,dat hij een latere scheiding nauwelijks te boven komt.
Rasstandaard van de Chow chow
De chow chow is een rustige, waardige en trotse hond. De Chow Chow is zeer trouw aan hun eigenaar en hun gezin, toch is hij enigszins eigenzinnig . Hij is allert , waaks en niet kleinzerig.
Chow chows hebben een dikke wollige ondervacht, dus regelmatig borstelen is een noodzaak! De bovenvacht is tamelijk grof van structuur. Ze hebben weinig last van haarverlies.
Hun typische kenmerk is de blauwe tong en hun pluizige staart die mooi opgekrult ligt op hun rug.
Deze honden kunnen goed overweg met kinderen.
Het zijn rustige honden, die geen urenlange wandeling nodig hebben.
Kleur: De Chow Chow is er in het effen zwart, rood, blauw, crème en wit deze laatste drie zijn zeer uitzonderlijk.
Schofthoogte: reu 48-56cm, teef46-51cm
Gewicht: 18-25kg
uitgebreide rasstandaard op de site van de vereeniging NCCC
Verzorging van de Chow chow
veel en regelmatige vachtverzorging
Kammen èn borstelen.
Opvoeding van de Chow chow
de opvoeding moet consequent zijn. en met zachte hand geschieden. de chow is zeer intelligent en heeft een heel goed geheugen. Ook moet hij het nut van bepaalde oefeningen inzien.
De chow heeftveel van een kat weg qua karakter en dus ook de opvoeding in die richting aanpassen.
Rasvereniging van de Chow chow
de NCCC is de rasvereniging van de chow chow. (nederlandse chow chow club)
Terug naar het rassenoverzicht